073 720 02 00
HR

Arbeidsrecht onder Rutte III: de stand van zaken

Gepubliceerd op 1 maart 2018 Bijgewerkt op 19 juli 2019

Het arbeidsrecht is en blijft in ontwikkeling. Dat houdt in dat ook de wetgeving aan verandering onderhevig is.

In oktober 2017 hebben wij jullie geïnformeerd over de nieuwe kabinetsplannen van Rutte III. Klik hier voor het artikel: We zijn nu een half jaar verder en kunnen jullie informeren over de laatste stand van zaken.

Wet DBA

Door de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (wet DBA) zijn opdrachtgever en ZZP’er samen verantwoordelijk voor de fiscale gevolgen van hun arbeidsrelatie. Vanwege de onduidelijkheid over deze wet, was handhaving al eerder uitgesteld tot 1 juli 2018.

Op 9 februari 2018 hebben minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en staatssecretaris Snel van Financiën de Tweede Kamer in een brief geïnformeerd over het tijdpad en de uitwerking van de maatregelen die de wet DBA moeten gaan vervangen.

In deze brief staat vermeld dat de opschorting van de handhaving van de wet DBA is verlengd tot 1 januari 2020. Dat betekent dat opdrachtgevers en ZZP’ers tot die tijd geen boetes of naheffingen krijgen als achteraf geconstateerd wordt dat er sprake is van een dienstbetrekking.
Wel gaat het kabinet de mogelijkheden voor de handhaving van kwaadwillenden vanaf 1 juli 2018 verruimen.

Invoering extra geboorteverlof

De afgelopen periode is er ook gewerkt aan de aangekondigde uitbreiding van partnerverlof bij geboorte. In de nieuwe Wet Invoering Extra Geboorteverlof (‘WIEG’) van minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is opgenomen dat bij de geboorte van een baby de partner van de moeder meer dagen vrij krijgt.

Nu krijgen vaders na de geboorte nog twee dagen betaald verlof. Dit geboorteverlof wordt vanaf volgend jaar een hele week. Ook kunnen partners in het eerste half jaar na de geboorte van de baby straks nog eens vijf weken extra geboorteverlof krijgen. De verlofmogelijkheden voor partners worden hiermee dus fors verruimd, van twee dagen tot maximaal zes weken.
Minister Koolmees heeft de ministerraad geïnformeerd dat de WIEG ter consultatie is voorgelegd. Op de website www.internetconsultatie.nl is het mogelijk een reactie op het conceptwetsvoorstel te geven. De einddatum van de consultatie is 19 maart 2018. Wordt dus vervolgd.

Kamervragen over aanhoudende problemen over slapende dienstverbanden

Op dit moment houdt een werkgever een dienstverband van een werknemer die twee jaar lang ziek is geweest, vaak ‘slapend’. De werkgever heeft geen loondoorbetalingsplicht meer maar de arbeidsovereenkomst blijft als een lege huls in stand. Omdat er dus geen einde komt aan het dienstverband, hoeft er geen transitievergoeding te worden betaald.

Op 25 januari 2018 zijn er Kamervragen gesteld aan minister Koolmees van Sociale Zaken over de aanhoudende problemen met slapende dienstverbanden waardoor een werknemer geen aanspraak kan maken op een transitievergoeding. In antwoord op deze vragen heeft minister Koolmees onder meer laten weten dat ernaar wordt gestreefd om de compensatieregeling voor de transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid per 1 januari 2020 in werking te laten treden.

In maart 2017 is het wetsvoorstel houdende maatregelen met betrekking tot de transitievergoeding bij ontslag wegens bedrijfseconomische omstandigheden of langdurige arbeidsongeschiktheid ingediend bij de Tweede Kamer. Na de aantreding van het nieuwe kabinet is de behandeling van het wetsvoorstel door de Tweede Kamer gestart. Inmiddels is ook, in samenspraak met het UWV, de ministeriële regeling verder uitgewerkt. Recent heeft minister Koolmees het UWV gevraagd om een uitvoeringstoets uit te brengen op lagere regelgeving. Daarop is nog geen reactie ontvangen.

Het is dus nog even afwachten. Als het wetsvoorstel tot wet verheven wordt, kan een werkgever die na 1 juli 2015 de transitievergoeding al betaald heeft– indien aan de voorwaarden wordt voldaan – aanspraak maken op compensatie, ongeacht hoe lang geleden de transitievergoeding is betaald.

Kortom: wordt vervolgd en wij houden jullie op de hoogte.

Vraag & antwoord

Veelgestelde vragen

Wie stelt moet bewijzen, dat is de hoofdregel van ons burgerlijk procesrecht. Maar wat nu als u een geschil heeft met een andere partij maar u uw stellingen niet (voldoende) kunt onderbouwen? U kunt dan een verzoek indienen tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor met als doel het vergaren van extra informatie en bewijs.


Lees meer

Veel werkgevers stellen internet en e-mail aan werknemers ter beschikking. Werknemers gebruiken dat namelijk bij het verrichten van hun werkzaamheden. Soms gebruiken werknemers echter dat internet en die e-mail (tijdens werktijd) voor tal van andere activiteiten, variërend van het lezen van privé e-mail tot het bekijken van pornofilmpjes.


Lees meer

Regelmatig worden wij met de vraag geconfronteerd of een uitlener de door hem aan een ander ter beschikking gestelde werknemers, zoals uitzendkrachten of een gedetacheerde werknemers, kan verbieden om bij de inlener in dienst te treden of dat op een andere manier kan belemmeren. Wij geven antwoord.


Lees meer

Regelmatig stellen werkgevers vragen over de, sinds 1 januari 2015 geldende, aanzegverplichting. De meest gestelde vragen en de antwoorden daarop volgen hieronder.


Lees meer

Als u een geldvordering heeft op een wanbetaler, kunt u beslag laten leggen op een bankrekening. Dat kan door een advocaat te vragen om dit te doen. Alleen advocaten (en dus niet deurwaarders) mogen aan de rechtbank toestemming vragen om conservatoir beslag te leggen.


Lees meer
Lees alle FAQ's
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties