073 720 02 00

De Hoge Raad schijnt haar licht op de i-grond

Door Bijgewerkt op Geen categorie

Worstelt u ook weleens met een lastige werknemer, maar bij wie er steeds geen sprake is van een voldragen ontslaggrond? De wet biedt uitkomst in de vorm van de ‘cumulatiegrond’. Maar is deze ontslaggrond wel het juiste (red)middel of lijkt dat maar zo? De Hoge Raad deed haar eerste uitspraak over dit onderwerp. In dit artikel staan we stil bij deze uitspraak en de verduidelijking (of juist complexiteit) van de cumulatiegrond.

De cumulatiegrond
De wet bepaalt op welke gronden een arbeidsovereenkomst kan worden beëindigd. Deze gronden dienen ‘voldragen’ te zijn maar dat is niet altijd het geval. In 2020 introduceerde de wetgever daarom de ‘i-grond’ oftewel de cumulatiegrond. De ‘i-grond’ maakt het mogelijk om verschillende individuele gronden, die op zichzelf niet voldragen zijn, samen te voegen tot een geldige reden voor ontbinding. Wordt de cumulatiegrond toegewezen? Dan heeft de werknemer recht op een (extra) vergoeding ten bedrage van maximaal de helft van de transitievergoeding bovenop de wettelijke transitievergoeding.

De casus
De werknemer was werkzaam bij een onderneming die zich bezighoudt met het ontwikkelen en exploiteren van hard- en software voor productfotografie. De werknemer had twee vakanties aangevraagd, die hij in zijn thuisland Iran zou doorbrengen. In de tussenliggende periode van twee weken bleef de werknemer in Iran, van waaruit hij ook heeft gewerkt. Hoewel de werknemer dit al jaren deed, had hij dit jaar geen toestemming gevraagd om op afstand te werken. Dit leidde tot onenigheid en een verslechterde arbeidsrelatie tussen partijen.

De werkgever geeft ontslag op staande voet, waarna de werknemer naar de rechter stapt. In eerste aanleg verzoekt de werkgever nog ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van ernstig verwijtbaar handelen (de zogenaamde ‘e-grond’) en subsidiair op grond van een verstoorde arbeidsrelatie (‘g-grond’). Meer subsidiair verzocht de werkgever ontbinding op de i-grond, als cumulatie van de e- en g-grond.

Eerste aanleg en hoger beroep
De rechtbank oordeelde dat, hoewel het ontslag op staande voet niet gerechtvaardigd was, de arbeidsovereenkomst alsnog kon worden ontbonden op grond van de e-grond.

Het hof oordeelde in hoger beroep echter dat e-grond niet voldragen was. Het werk was namelijk verricht in de tussenliggende twee weken tussen de goedgekeurde vakanties, waarbij de werkgever wist dat de werknemer die vakanties in Iran zou doorbrengen. Volgens het hof had de werkgever moeten nagaan of de werknemer in die tussenliggende periode ook in het buitenland zou blijven. Daarbij was nog relevant dat de werknemer al jaren rond deze tijd in Iran werkte en daar steeds wél goedkeuring voor kreeg.

Ook de g-grond werd niet erkend: sinds het vertrek van de werknemer naar Iran hadden partijen elkaar niet meer face-to-face gesproken. Daardoor was er geen ruimte geweest om het conflict  te bespreken en te beoordelen of het ‘point-of-no-return’ was bereikt wat betreft de arbeidsrelatie.

Het hof ontbond uiteindelijk de arbeidsovereenkomst tóch op de i-grond, omdat – kort gezegd – de werknemer wel enige verwijtbare handelingen had verricht en de arbeidsrelatie verslechterd was.

Hoge Raad
Dan komt de zaak bij de Hoge Raad en in deze uitspraak geeft de Hoge Raad het hof een flinke spreekwoordelijk tik op de vingers:

Gemotiveerde i-grond
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de i-grond niet voldoende gemotiveerd had. Het hof had namelijk enkel geoordeeld dat er sprake was van “enig verwijtbaar handelen”. Met die formulering is te onduidelijk welke exacte gedragingen van de werknemer als verwijtbaar kwalificeren, zo oordeelde de Hoge Raad.

Cumulatievergoeding
Het hof had daarnaast geen rekening gehouden met de devolutieve werking van het hoger beroep. Dit houdt – kort gezegd – in dat het hof ook in hoger beroep de vorderingen en argumenten die bij de rechter in eerste aanleg zijn gedaan, moet beoordelen. In eerste aanleg had de werknemer namelijk de cumulatievergoeding verzocht en hieraan ging het hof in hoger beroep voorbij.

Ambtshalve i-grond toepassen
De Hoge Raad bevestigt tevens, met verwijzing naar de ontstaansgeschiedenis van de i-grond, dat de rechter de i-grond ambtshalve kan toewijzen. Wil de rechter (ambtshalve) de i-grond toepassen, moet de werkgever wel in de gelegenheid worden gesteld het ontbindingsverzoek in te trekken.

Herplaatsing
Tot slot had het hof volgens de Hoge Raad onvoldoende onderzocht of aan de herplaatsingsplicht voldaan was. Volgens de Hoge Raad is namelijk ook bij toepassing van de i-grond altijd een onderzoek naar de herplaatsingsmogelijkheden nodig.

Conclusie
De recente uitspraak van de Hoge Raad geeft een aantal belangrijke richtlijnen ter verduidelijking van de cumulatiegrond. Maar is het een verduidelijking of onderschrijft de uitspraak de complexiteit van de cumulatiegrond? Hulp nodig bij het formuleren van solide ontslaggronden of meer weten over  de cumulatiegrond? Neem dan contact op met de advocaten en juristen van Snijders Arbeidsrecht.

De gehele uitspraak leest u hier

Vraag & antwoord

Veelgestelde vragen

Ja, dit is opgenomen in artikel 915 van de Wet franchise. Daaruit volgt dat de franchisenemer “binnen de grenzen van redelijkheid” de “nodige maatregelen” dient te treffen om te voorkomen dat hij onder invloed van onjuiste veronderstellingen overgaat tot het sluiten van de franchiseovereenkomst.

Nee, de Wet franchise kent die verplichting niet. Wel dient er een omvangrijk PID verstrekt te worden.

De Wet franchise is niet duidelijk op dit punt. Er wordt in de Wet franchise bij deze zogenaamde “multiple franchising” wel een uitzondering voor de stand-still periode gemaakt, maar niet voor het verstrekken van de PID zelf.


Lees meer

In de Wet franchise wordt dit niet specifiek benoemd. Je zou kunnen aannemen dat de fase voor verlenging niet als een voorfase kan worden beschouwd en de precontractuele informatieverplichting (waaronder het verstrekken van de PID) niet van toepassing is. De franchisenemer die al vijf jaar de betreffende locatie heeft geëxploiteerd kent de franchiseorganisatie en de kosten en opbrengsten van de exploitatie van zijn/haar vestiging.


Lees meer

Volgens de Wet Franchise moet de franchisegever alle informatie verstrekken waarvan de franchisegever moet begrijpen dat die van belang is voor de kandidaat. Aan de andere kant is het ook zo dat er ook een onderzoekplicht is van de kandidaat. Als de aspirant-franchisenemer zelf geen onderzoek doet is dat voor diens risico.


Lees meer

Nee, de wet is heel strikt in deze 4 weken en de rechtspraak gaat hier vooralsnog in mee. Dit kwam naar voren in het kort geding van de rechtbank Midden-Nederland d.d. 30 juni 2021. De rechter overwoog (onder meer) dat in artikel 7:913 en 7:914 BW besloten ligt dat er met het verstrekken van de precontractuele informatie door de franchisegever een aanbod wordt gedaan aan de beoogde franchisenemer om op basis van de bijgevoegde ontwerp franchiseovereenkomst een franchiseovereenkomst te sluiten. Het is vervolgens aan de beoogde franchisenemer om zich te beraden of hij dit wil of dat hij nog verder wil onderhandelen met de franchisegever. De franchisegever kan in deze termijn alleen maar afwachten. Het is de franchisenemer die aan zet is.

De stand-still periode duurt 4 weken. Dit is een verplichte bedenktijd voor het sluiten van de franchiseovereenkomst. Tijdens deze periode mogen er geen wijzigingen worden doorgevoerd ten nadele van de aspirant franchisenemer. Bedoeling van deze periode is dat de kandidaat alle gelegenheid heeft om alle informatie goed te bestuderen en ook om nader onderzoek te doen. Dit moet er voor zorgen dat een kandidaat goed nadenkt en in alle rust een weloverwogen beslissing kan nemen.

Dit document wordt aan het begin van de stand-still periode door de franchisegever overhandigd aan de kandidaat franchisenemer. De PID is een erg uitgebreid document. De PID bevat namelijk alle informatie bevat die tussen franchisegever en kandidaat is uitgewisseld. De franchisegever moet hier heel zorgvuldig mee omgaan. Het ontbreken van informatie kan aanleiding zijn tot claims van de franchisenemer. De PID moet alle informatie bevatten waarvan de franchisegever moet begrijpen dat die van belang kan zijn voor de aspirant franchisenemer.

Nee. Indien uw zaak op toevoegingsbasis behandeld kan worden, kunt u het beste contact opnemen met het Juridisch Loket. Zij helpen u bij het vinden van een advocaat die op deze basis werkt.

De gemiddelde werving en selectie fee in Nederland ligt tussen de 20% en 30% van het bruto jaarsalaris (inclusief vakantiegeld en overige emolumenten). De exacte hoogte is afhankelijk van de complexiteit van de zoekopdracht, de branche en de schaarste op de arbeidsmarkt.


Lees meer

Bent u op korte termijn op zoek naar juridische professionals voor een Interim opdracht of juist op basis van werving & selectie? Bij Snijders Interim bent u aan het juiste adres. Bij Snijders Interim Community zijn de beste juridische professionals uit de markt aangesloten. Of u nu op zoek bent naar een jurist, advocaat, Legal Counsel of bedrijfsjurist op junior, medior of senior level, wij staan u graag bij in uw zoektocht. Laat het ons weten en we komen graag bij u op bezoek om onze dienstverlening verder toe te lichten

Wie stelt moet bewijzen, dat is de hoofdregel van ons burgerlijk procesrecht. Maar wat nu als u een geschil heeft met een andere partij maar u uw stellingen niet (voldoende) kunt onderbouwen? U kunt dan een verzoek indienen tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor met als doel het vergaren van extra informatie en bewijs.


Lees meer

Veel werkgevers stellen internet en e-mail aan werknemers ter beschikking. Werknemers gebruiken dat namelijk bij het verrichten van hun werkzaamheden. Soms gebruiken werknemers echter dat internet en die e-mail (tijdens werktijd) voor tal van andere activiteiten, variërend van het lezen van privé e-mail tot het bekijken van pornofilmpjes.


Lees meer

Regelmatig worden wij met de vraag geconfronteerd of een uitlener de door hem aan een ander ter beschikking gestelde werknemers, zoals uitzendkrachten of een gedetacheerde werknemers, kan verbieden om bij de inlener in dienst te treden of dat op een andere manier kan belemmeren. Wij geven antwoord.


Lees meer

Regelmatig stellen werkgevers vragen over de, sinds 1 januari 2015 geldende, aanzegverplichting. De meest gestelde vragen en de antwoorden daarop volgen hieronder.


Lees meer

Als u een geldvordering heeft op een wanbetaler, kunt u beslag laten leggen op een bankrekening. Dat kan door een advocaat te vragen om dit te doen. Alleen advocaten (en dus niet deurwaarders) mogen aan de rechtbank toestemming vragen om conservatoir beslag te leggen.


Lees meer
Lees alle FAQ's
Wij scoren gemiddeld een 8,8 op basis van 43 referenties
Wij scoren gemiddeld een 8,8 op basis van 43 referenties