073 720 02 00

Loonstop tijdens ziekte: een zieke werknemer in het buitenland werkt niet mee aan re-integratie

Door Bijgewerkt op Geen categorie

Op grond van de wet geldt dat zieke werknemers gedurende 104 weken recht hebben op doorbetaling van (een gedeelte van) het salaris tijdens ziekte. Hier staat echter wel iets tegenover, namelijk dat de werknemer actief meewerkt aan zijn herstel en aan de re-integratie. Wat als die medewerking uitblijft, bijvoorbeeld omdat een werknemer tijdens ziekte in het buitenland zit? Ben je dan als werkgever alsnog verplicht het loon door te betalen? Die vraag stond centraal in een recente uitspraak van de kantonrechter Amsterdam (ECLI:NL:RBAMS:2026:4419). De uitspraak laat zien dat een werknemer die onvoldoende meewerkt aan herstel en re-integratie het risico loopt zijn recht op loon te verliezen. In dit artikel bespreken we voornoemde uitspraak.

Het juridisch kader: loonsancties tijdens ziekte

Wanneer een werknemer de re-integratieverplichtingen (conform de wet verbetering poortwachter) niet nakomt beschikt werkgever over verschillende instrumenten. Re-integratieverplichtingen van een zieke werknemer zijn onder andere (dus niet uitsluitend) aanwezig zijn bij afspraken bij de arbodienst, niets doen wat je herstel belemmert, de juiste inlichtingen verschaffen en meewerken aan het opstellen van een plan van aanpak.

Daarbij is het belangrijk onderscheid te maken tussen loonopschorting en loonstop. Van loonopschorting is sprake wanneer de werkgever onvoldoende informatie heeft om te kunnen beoordelen of daadwerkelijk recht op loon bestaat. Denk bijvoorbeeld aan een werknemer die niet verschijnt bij de bedrijfsarts of onvoldoende informatie verstrekt over zijn arbeidsongeschiktheid. Zodra de werknemer alsnog aan zijn verplichtingen voldoet, moet het opgeschorte loon alsnog worden betaald.

Een loonstop gaat verder. In dat geval vervalt het recht op loon daadwerkelijk omdat een wettelijke uitzonderingsgrond van toepassing is. Het loon over die periode hoeft dan niet alsnog te worden betaald. Artikel 7:629 lid 3 BW bevat verschillende situaties waarin een werknemer zijn recht op loon kan verliezen. In de hier besproken uitspraak stonden met name twee van deze gronden centraal:

  • de werknemer belemmert of vertraagt door eigen toedoen zijn genezing (artikel 7:629 lid 3 sub b BW);
  • de werknemer werkt zonder goede reden niet mee aan redelijke voorschriften of maatregelen die gericht zijn op herstel of re-integratie (artikel 7:629 lid 3 sub d BW).

Van een werkgever wordt verwacht dat hij de gronden van het opleggen van een loonsanctie kent en daarbij ook expliciet de juiste loonsanctie communiceert. Wordt foutief het loon stopgezet waar dit een opschorting had moeten zijn of andersom, kan dit dus tot gevolg hebben dan de loonsanctie niet rechtsgeldig is opgelegd. Daarnaast geldt dat een loonsanctie pas mag worden opgelegd nadat de werknemer hiervoor is gewaarschuwd. Met andere woorden: ben bewust van hetgeen je communiceert aan de werknemer!

De uitspraak: langdurig verblijf in Israël belemmert re-integratie

De werknemer in deze zaak had onbetaald verlof opgenomen om een familiegelegenheid in Israël bij te wonen. Tijdens haar verblijf ontstonden ingrijpende privéomstandigheden, waarna zij zich ziekmeldde vanwege psychische klachten. Vervolgens bleef zij gedurende langere tijd in Israël.

De werkgever beschikte over een verzuimprotocol waarin onder meer was opgenomen dat werknemers die in het buitenland ziek worden medische informatie moeten verstrekken en naar Nederland moeten terugkeren zodra reizen weer mogelijk is. Ook werd vaker gewezen op de noodzaak om mee te werken aan onderzoeken die door de bedrijfsarts waren geadviseerd.

In de praktijk bleek dat moeizaam te verlopen. De bedrijfsarts adviseerde verschillende onderzoeken om de belastbaarheid van de werknemer vast te stellen en om het re-integratietraject vorm te geven. Die onderzoeken konden echter lange tijd niet plaatsvinden doordat de werknemer in Israël verbleef. Daarnaast verliep de communicatie niet altijd goed en was de werknemer niet steeds bereikbaar voor afspraken met bedrijfsarts en deskundigen. Uiteindelijk besloot de werkgever een loonstop op te leggen.

De werknemer stelde vervolgens dat zij wel degelijk had meegewerkt aan haar herstel en dat de loonstop daarom onterecht was. Zij vorderde in kort geding alsnog doorbetaling van het loon.  De kantonrechter ging daar niet in mee. Volgens de rechter had de werknemer onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij niet naar Nederland kon terugkeren. Dat zij in Nederland geen sociaal vangnet had, was volgens de rechter begrijpelijk, maar geen omstandigheid die voor rekening van de werkgever moest komen. Daarnaast mocht van de werknemer worden verwacht dat zij zich actief en bereikbaar opstelde voor afspraken met de bedrijfsarts en andere deskundigen. Juist daar schoot werknemer volgens de rechtbank tekort.

Van belang was ook dat het UWV in een deskundigenoordeel had geconcludeerd dat de re-integratie-inspanningen van de werknemer gedurende de ziekteperiode onvoldoende waren geweest. De kantonrechter sloot zich daarbij aan en oordeelde voorshands dat sprake was van zowel het belemmeren van herstel alsook het onvoldoende meewerken aan re-integratie. De opgelegde loonstop werd daarom rechtmatig geacht.

Wat kunnen werkgevers hiervan leren?

Deze uitspraak bevestigt dat ziekteverzuim een gezamenlijke verantwoordelijkheid van werkgever én werknemer is. Ziekte ontslaat de werknemer niet van de verplichting om actief mee te werken aan herstel en re-integratie, ook als hij in het buitenland verblijft. Blijf je er echter van bewust dat een loonstop een zwaar middel is dat enkel standhoudt wanneer het dossier zorgvuldig is opgebouwd. Daarbij zijn duidelijke controle- en verzuimvoorschriften, goede vastlegging van adviezen van de bedrijfsarts, schriftelijke waarschuwingen en een heldere communicatie essentieel. Daarentegen geldt dus ook: waar een werknemer herstel en re-integratie (structureel) belemmert of onvoldoende meewerkt aan redelijke voorschriften, kan een loonsanctie een effectief en juridisch houdbaar instrument zijn.

De uitspraak laat bovendien zien dat een verblijf in het buitenland geen vrijstelling oplevert van re-integratieverplichtingen. Wordt een werknemer tijdens vakantie ziek of wil een zieke werknemer op vakantie? Zorg dan dat je schakelt met de arbodienst om te bekijken of dit toelaatbaar is in het kader van de re-integratieverplichtingen.

Heeft u vragen over loonopschorting, loonstop of de re-integratieverplichtingen van zieke werknemers? De specialisten van Snijders Arbeidsrecht adviseren werkgevers dagelijks over ziekteverzuim, dossieropbouw en loonsancties.

 

Vraag & antwoord

Veelgestelde vragen

Ja, dit is opgenomen in artikel 915 van de Wet franchise. Daaruit volgt dat de franchisenemer “binnen de grenzen van redelijkheid” de “nodige maatregelen” dient te treffen om te voorkomen dat hij onder invloed van onjuiste veronderstellingen overgaat tot het sluiten van de franchiseovereenkomst.

Nee, de Wet franchise kent die verplichting niet. Wel dient er een omvangrijk PID verstrekt te worden.

De Wet franchise is niet duidelijk op dit punt. Er wordt in de Wet franchise bij deze zogenaamde “multiple franchising” wel een uitzondering voor de stand-still periode gemaakt, maar niet voor het verstrekken van de PID zelf.


Lees meer

In de Wet franchise wordt dit niet specifiek benoemd. Je zou kunnen aannemen dat de fase voor verlenging niet als een voorfase kan worden beschouwd en de precontractuele informatieverplichting (waaronder het verstrekken van de PID) niet van toepassing is. De franchisenemer die al vijf jaar de betreffende locatie heeft geëxploiteerd kent de franchiseorganisatie en de kosten en opbrengsten van de exploitatie van zijn/haar vestiging.


Lees meer

Volgens de Wet Franchise moet de franchisegever alle informatie verstrekken waarvan de franchisegever moet begrijpen dat die van belang is voor de kandidaat. Aan de andere kant is het ook zo dat er ook een onderzoekplicht is van de kandidaat. Als de aspirant-franchisenemer zelf geen onderzoek doet is dat voor diens risico.


Lees meer

Nee, de wet is heel strikt in deze 4 weken en de rechtspraak gaat hier vooralsnog in mee. Dit kwam naar voren in het kort geding van de rechtbank Midden-Nederland d.d. 30 juni 2021. De rechter overwoog (onder meer) dat in artikel 7:913 en 7:914 BW besloten ligt dat er met het verstrekken van de precontractuele informatie door de franchisegever een aanbod wordt gedaan aan de beoogde franchisenemer om op basis van de bijgevoegde ontwerp franchiseovereenkomst een franchiseovereenkomst te sluiten. Het is vervolgens aan de beoogde franchisenemer om zich te beraden of hij dit wil of dat hij nog verder wil onderhandelen met de franchisegever. De franchisegever kan in deze termijn alleen maar afwachten. Het is de franchisenemer die aan zet is.

De stand-still periode duurt 4 weken. Dit is een verplichte bedenktijd voor het sluiten van de franchiseovereenkomst. Tijdens deze periode mogen er geen wijzigingen worden doorgevoerd ten nadele van de aspirant franchisenemer. Bedoeling van deze periode is dat de kandidaat alle gelegenheid heeft om alle informatie goed te bestuderen en ook om nader onderzoek te doen. Dit moet er voor zorgen dat een kandidaat goed nadenkt en in alle rust een weloverwogen beslissing kan nemen.

Dit document wordt aan het begin van de stand-still periode door de franchisegever overhandigd aan de kandidaat franchisenemer. De PID is een erg uitgebreid document. De PID bevat namelijk alle informatie bevat die tussen franchisegever en kandidaat is uitgewisseld. De franchisegever moet hier heel zorgvuldig mee omgaan. Het ontbreken van informatie kan aanleiding zijn tot claims van de franchisenemer. De PID moet alle informatie bevatten waarvan de franchisegever moet begrijpen dat die van belang kan zijn voor de aspirant franchisenemer.

Nee. Indien uw zaak op toevoegingsbasis behandeld kan worden, kunt u het beste contact opnemen met het Juridisch Loket. Zij helpen u bij het vinden van een advocaat die op deze basis werkt.

De gemiddelde werving en selectie fee in Nederland ligt tussen de 20% en 30% van het bruto jaarsalaris (inclusief vakantiegeld en overige emolumenten). De exacte hoogte is afhankelijk van de complexiteit van de zoekopdracht, de branche en de schaarste op de arbeidsmarkt.


Lees meer

Bent u op korte termijn op zoek naar juridische professionals voor een Interim opdracht of juist op basis van werving & selectie? Bij Snijders Interim bent u aan het juiste adres. Bij Snijders Interim Community zijn de beste juridische professionals uit de markt aangesloten. Of u nu op zoek bent naar een jurist, advocaat, Legal Counsel of bedrijfsjurist op junior, medior of senior level, wij staan u graag bij in uw zoektocht. Laat het ons weten en we komen graag bij u op bezoek om onze dienstverlening verder toe te lichten

Wie stelt moet bewijzen, dat is de hoofdregel van ons burgerlijk procesrecht. Maar wat nu als u een geschil heeft met een andere partij maar u uw stellingen niet (voldoende) kunt onderbouwen? U kunt dan een verzoek indienen tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor met als doel het vergaren van extra informatie en bewijs.


Lees meer

Veel werkgevers stellen internet en e-mail aan werknemers ter beschikking. Werknemers gebruiken dat namelijk bij het verrichten van hun werkzaamheden. Soms gebruiken werknemers echter dat internet en die e-mail (tijdens werktijd) voor tal van andere activiteiten, variërend van het lezen van privé e-mail tot het bekijken van pornofilmpjes.


Lees meer

Regelmatig worden wij met de vraag geconfronteerd of een uitlener de door hem aan een ander ter beschikking gestelde werknemers, zoals uitzendkrachten of een gedetacheerde werknemers, kan verbieden om bij de inlener in dienst te treden of dat op een andere manier kan belemmeren. Wij geven antwoord.


Lees meer

Regelmatig stellen werkgevers vragen over de, sinds 1 januari 2015 geldende, aanzegverplichting. De meest gestelde vragen en de antwoorden daarop volgen hieronder.


Lees meer

Als u een geldvordering heeft op een wanbetaler, kunt u beslag laten leggen op een bankrekening. Dat kan door een advocaat te vragen om dit te doen. Alleen advocaten (en dus niet deurwaarders) mogen aan de rechtbank toestemming vragen om conservatoir beslag te leggen.


Lees meer
Lees alle FAQ's
Wij scoren gemiddeld een 8,8 op basis van 43 referenties
Wij scoren gemiddeld een 8,8 op basis van 43 referenties