073 720 02 00

Het relatiebeding

Gepubliceerd op 12 juni 2019 Bijgewerkt op 14 juni 2019

Met een relatiebeding moet worden voorkomen dat de werknemer na afloop van zijn arbeidsovereenkomst contact heeft met relaties van de werkgever en de werkgever zo concurrentie aandoet.

Relatiebeding tijdelijk contract

Een veelvoorkomende vraag in onze praktijk is ook of een relatiebeding nog wel mag in een tijdelijk contract.

Klanten benaderen mij

Daarnaast horen we in de arbeidsrecht praktijk vaak de vraag of men ook een relatiebeding schendt, wanneer klanten de werknemer benaderen na het einde van het dienstverband.

Welke relaties vallen onder het relatiebeding

Wie die relaties van het relatiebeding precies zijn, is vaak niet duidelijk. Gaat het alleen om de klanten van de werkgever of kan ook een leverancier als een relatie worden aangemerkt?

In onderstaande zaak leggen we het bovenstaande graag aan u uit.

De zaak

Over die laatste vraag ging het in een zaak waarin een werkneemster, die als schoonheidsspecialiste in een schoonheidssalon had gewerkt, na afloop van haar arbeidsovereenkomst met die schoonheidssalon als zelfstandige verder ging en contact opnam met de leverancier van de schoonheidssalon. De werkneemster wilde van die leverancier dezelfde apparatuur kopen als de schoonheidssalon gebruikte.

De schoonheidssalon meende dat de leverancier van de apparatuur een relatie van haar was en dat de werkneemster haar relatiebeding had overtreden. In dat relatiebeding was namelijk opgenomen dat het de werkneemster niet was toegestaan om: “gedurende een periode van één jaar na het einde van de arbeidsovereenkomst op enige wijze zakelijke betrekkingen aan te gaan of te onderhouden met (voormalige) relaties van werkgever, behoudens de voorafgaande schriftelijke toestemming van werkgever.”

Het was aan Hof Arnhem-Leeuwarden om te bepalen of de werkneemster haar relatiebeding had overtreden door contact te hebben met de leverancier van de schoonheidssalon.

Onduidelijk relatiebeding

Het hof stelde allereerst vast dat in het relatiebeding niet was opgenomen wie precies werden bedoeld met de ‘relaties’ van de schoonheidssalon. In het relatiebeding was ook niet opgenomen dat met de ‘relaties’ van de schoonheidssalon ook de leveranciers werden bedoeld.

Verder stelde het hof vast dat mondeling ook niet aan de werkneemster was medegedeeld dat met de ‘relaties’ van de schoonheidssalon ook de leveranciers werden bedoeld (dat werd door de schoonheidssalon tijdens de zitting bij het hof verteld).

Dus, noch schriftelijk, noch mondeling was door de schoonheidssalon aan de werkneemster aangegeven dat met de ‘relaties’ van de schoonheidssalon ook de leveranciers werden bedoeld. Dat was dus onduidelijk. Het was dan ook de vraag of de schoonheidssalon desondanks van de werkneemster had mogen verwachten dat zij wist dat met de ‘relaties’ van de schoonheidssalon ook de leveranciers werden bedoeld.

Taalkundige uitleg

Afgaande op de letterlijke tekst van het relatiebeding had de werkneemster volgens het hof kunnen weten dat met de ‘relaties’ van de schoonheidssalon ook de leveranciers werden bedoeld. Immers volgt uit de Van Dale dat de definitie van een ‘relatie’ de volgende is: “Een betrekking waarin zaken of personen tot elkaar staan”. Een relatie kan derhalve ook een leverancier zijn.

Zou dus alleen naar de letterlijke tekst van het relatiebeding worden gekeken, dan heeft de werkgever dus gelijk.

Bedoeling van partijen

Echter, omdat sprake is van een onduidelijk relatiebeding, moet volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad niet alleen naar de letterlijke tekst van het relatiebeding worden gekeken, maar ook naar hetgeen de schoonheidssalon en de werkneemster van elkaar mochten verwachten op basis van het relatiebeding. Die verwachtingen zijn mede afhankelijk van de maatschappelijke kringen waarin zij zich bevinden en welke (juridische) kennis van hen kan worden verwacht.

Volgens het hof brengt dat met zich mee dat de schoonheidssalon niet van de werkneemster had mogen verwachten dat zij moest begrijpen dat de schoonheidssalon met de ‘relaties’ van de schoonheidssalon ook de leveranciers had bedoeld. Immers behoren een werkgever en een werknemer niet tot dezelfde maatschappelijke kringen en beschikken zij niet over dezelfde (juridische) kennis. De schoonheidssalon had daarmee bij het opstellen van het relatiebeding rekening moeten houden en dus bij het opstellen van het relatiebeding duidelijk moeten aangeven dat met ‘relaties’ van de schoonheidssalon ook de leveranciers werden bedoeld. Dat de schoonheidssalon dat niet had gedaan, kwam voor haar rekening.

Conclusie

Het Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelde dat de werkneemster het relatiebeding niet overtrad door contact op te nemen met de leverancier van de schoonheidssalon.

Tips voor de praktijk

Het arrest van het Arnhem-Leeuwarden leert ons dat een duidelijke formulering van het relatiebeding essentieel is. Raadzaam is het om daarin (niet limitatief) op te nemen wie in het algemeen worden bedoeld met relaties, de namen van enkele belangrijke relaties op te nemen en met regelmaat te controleren of het relatiebeding nog voldoende aansluit bij de praktijk.

Hulp nodig bij het formuleren van het relatiebeding? Neem gerust contact op met Lydia van den Heuvel. Telefoon: 073 7 200 200).

Bron: https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:GHARL:2017:9376

Voor antwoorden op alle vragen over een relatiebeding, vraag het onze specialisten arbeidsrecht of mail direct naar dsnijders@snijders-advocaten.nl en u hoort binnen 24 uur van ons.

Vraag & antwoord

Veelgestelde vragen

Wie stelt moet bewijzen, dat is de hoofdregel van ons burgerlijk procesrecht. Maar wat nu als u een geschil heeft met een andere partij maar u uw stellingen niet (voldoende) kunt onderbouwen? U kunt dan een verzoek indienen tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor met als doel het vergaren van extra informatie en bewijs.


Lees meer

Veel werkgevers stellen internet en e-mail aan werknemers ter beschikking. Werknemers gebruiken dat namelijk bij het verrichten van hun werkzaamheden. Soms gebruiken werknemers echter dat internet en die e-mail (tijdens werktijd) voor tal van andere activiteiten, variërend van het lezen van privé e-mail tot het bekijken van pornofilmpjes.


Lees meer

Regelmatig worden wij met de vraag geconfronteerd of een uitlener de door hem aan een ander ter beschikking gestelde werknemers, zoals uitzendkrachten of een gedetacheerde werknemers, kan verbieden om bij de inlener in dienst te treden of dat op een andere manier kan belemmeren. Wij geven antwoord.


Lees meer

Regelmatig stellen werkgevers vragen over de, sinds 1 januari 2015 geldende, aanzegverplichting. De meest gestelde vragen en de antwoorden daarop volgen hieronder.


Lees meer

Als u een geldvordering heeft op een wanbetaler, kunt u beslag laten leggen op een bankrekening. Dat kan door een advocaat te vragen om dit te doen. Alleen advocaten (en dus niet deurwaarders) mogen aan de rechtbank toestemming vragen om conservatoir beslag te leggen.


Lees meer
Lees alle FAQ's
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties