073 720 02 00
HR

Beperking transitievergoeding

Gepubliceerd op 19 maart 2019 Bijgewerkt op 24 juli 2019

Werkgevers vragen zich vaak af of zij de transitievergoeding verschuldigd zijn en/of hoe hoog die moet zijn. In dat verband is het belangrijk om te weten dat werkgevers soms kosten van de transitievergoeding mogen aftrekken en de transitievergoeding soms slechts gedeeltelijk hoeven te betalen.

Kosten die afgetrokken mogen worden van een transitievergoeding

De kosten die van de transitievergoeding afgetrokken mogen worden, zijn de kosten die in verband kunnen worden gebracht met het eindigen of niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst. Dat zijn de kosten die zijn gemaakt om werkloosheid van de werknemer te voorkomen of het verkorten van de periode van werkloosheid van de werknemer. Denk hierbij aan opleidings- en outplacementkosten en bijvoorbeeld de kosten voor het hanteren van een langere dan de wettelijke of contractuele opzegtermijn (zodat de werknemer een langere periode heeft voor het vinden van een nieuwe baan).

Verder kunnen de kosten die tijdens de arbeidsovereenkomst zijn gemaakt waardoor een bredere inzetbaarheid van een werknemer is bevorderd op de transitievergoeding in mindering worden gebracht. De gedachten hierachter is dat de positie van de werknemer op de arbeidsmarkt daarmee is verbeterd. Dit maakt de transitie naar een andere baan makkelijker. Let op, verrekenen van deze investeringen mag niet als het gaat om scholing die specifiek was voor de functie van werknemer (de werknemer is daardoor immers niet breder inzetbaar geworden).

Situatie waarin een gedeeltelijke transitievergoeding verschuldigd is

Verder is in sommige gevallen slechts een gedeeltelijke transitievergoeding verschuldigd. Dit is volgens de Hoge Raad onder andere het geval indien de wekelijkse arbeidsduur van de werknemer structureel en substantieel (met tenminste 20%) wordt verminderd door bijvoorbeeld een volledige beëindiging van de arbeidsovereenkomst gevolgd door een nieuwe arbeidsovereenkomst voor minder uren.

Volgens de Hoge Raad bestaat er voor een werknemer in die gevallen geen aanspraak op een volledige transitievergoeding, maar op een gedeeltelijke transitievergoeding indien de vermindering van arbeidsduur het gevolg is van omstandigheden, bijvoorbeeld bedrijfseconomische omstandigheden of blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.

De gedeeltelijke transitievergoeding dient berekend te worden naar evenredigheid van de vermindering van de arbeidstijd en uitgaande van het loon waarop voorheen aanspraak bestond.

Hoge Raad d.d. 14 september 2018

De voorgenoemde situatie was aan de orde in een zaak van de Hoge Raad van 14 september 2018 waarin een leraar na 104 weken arbeidsongeschikt te zijn geweest, nog steeds voor bijna 45% arbeidsongeschikt was. De onderwijsinstelling kon de arbeidsovereenkomst met de leraar dus opzeggen vanwege langdurige arbeidsongeschiktheid en deed dat ook. Tevens ging de onderwijsinstelling met de leraar een nieuwe arbeidsovereenkomst aan, te weten een arbeidsovereenkomst voor de 55% die de leraar nog wel kon werken. De leraar verzocht de onderwijsinstelling om de volledige transitievergoeding te betalen vanwege het beëindigen van zijn arbeidsovereenkomst danwel de transitievergoeding voor de 45% waarvoor hij met de onderwijsinstelling geen nieuwe arbeidsovereenkomst had gesloten.

De Hoge Raad oordeelde dat de wettelijke regeling van de arbeidsovereenkomst niet voorziet in gedeeltelijke beëindiging van de arbeidsovereenkomst of in een gedeeltelijke transitievergoeding in het geval van een vermindering van de arbeidsduur. Desalniettemin moet de mogelijkheid van gedeeltelijk ontslag met daaraan gekoppeld de aanspraak op een gedeeltelijke transitievergoeding volgens de Hoge Raad wel worden aanvaard voor het bijzondere geval dat een werkgever en een werknemer door omstandigheden gedwongen overgegaan tot een substantiële en structurele vermindering van de arbeidstijd van de werknemer. Reden daarvoor is dat de werknemer door een substantiële en structurele vermindering van de arbeidstijd anders een deel van de transitievergoeding zou mislopen, waarop hij bij een volledige beëindiging van de arbeidsovereenkomst op dat moment aanspraak zou hebben.

Tot slot

Indien u twijfelt over de verschuldigdheid en/of de hoogte van een transitievergoeding, nodigen wij u van harte uit om contact met team Arbeidsrecht op te nemen.

Disclaimer – Bij het opstellen van deze tekst is geen rekening gehouden met eventuele bijzondere van toepassing zijnde regels zoals opgenomen in bijvoorbeeld een collectieve arbeidsovereenkomst, individuele arbeidsovereenkomst en/of andere overeenkomst. Deze tekst bevat dus algemene informatie die niet in iedere situatie kan worden gebruikt. Tevens is het mogelijk dat de tekst op enig moment achterhaald is, bijvoorbeeld door gewijzigde regelgeving. Het wordt dan ook sterk aangeraden om contact met Snijders Advocaten op te nemen alvorens de informatie uit de tekst te gebruiken.

Vraag & antwoord

Veelgestelde vragen

Wie stelt moet bewijzen, dat is de hoofdregel van ons burgerlijk procesrecht. Maar wat nu als u een geschil heeft met een andere partij maar u uw stellingen niet (voldoende) kunt onderbouwen? U kunt dan een verzoek indienen tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor met als doel het vergaren van extra informatie en bewijs.


Lees meer

Veel werkgevers stellen internet en e-mail aan werknemers ter beschikking. Werknemers gebruiken dat namelijk bij het verrichten van hun werkzaamheden. Soms gebruiken werknemers echter dat internet en die e-mail (tijdens werktijd) voor tal van andere activiteiten, variërend van het lezen van privé e-mail tot het bekijken van pornofilmpjes.


Lees meer

Regelmatig worden wij met de vraag geconfronteerd of een uitlener de door hem aan een ander ter beschikking gestelde werknemers, zoals uitzendkrachten of een gedetacheerde werknemers, kan verbieden om bij de inlener in dienst te treden of dat op een andere manier kan belemmeren. Wij geven antwoord.


Lees meer

Regelmatig stellen werkgevers vragen over de, sinds 1 januari 2015 geldende, aanzegverplichting. De meest gestelde vragen en de antwoorden daarop volgen hieronder.


Lees meer

Als u een geldvordering heeft op een wanbetaler, kunt u beslag laten leggen op een bankrekening. Dat kan door een advocaat te vragen om dit te doen. Alleen advocaten (en dus niet deurwaarders) mogen aan de rechtbank toestemming vragen om conservatoir beslag te leggen.


Lees meer
Lees alle FAQ's
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties