073 720 02 00

Geen voorschot op schadevergoeding na aanrijding

Gepubliceerd op 14 maart 2017 Bijgewerkt op 19 juli 2019

Een ZZP-er in de ambulante hulpverlening raakt op 4 april 2016 betrokken bij een ongeval. Terwijl hij met zijn auto, een BMW 525d Touring uit 2006, stil staat bij een rotonde wordt hij van achteren aangereden door een bestuurder van een bij ASR verzekerde Renault Twingo. ASR erkent de aansprakelijkheid voor het ongeval en stelt een bedrag van € 2.500,- als voorschot op de schade ter beschikking aan de ZZP-er. In dit kort geding vordert de ZZP-er een aanvullend voorschot op schadevergoeding ten belope van ruim € 23.700,- Hij stelt dat hij sinds en door het ongeval diverse klachten ervaart, zoals de herbeleving van het ongeval, nekklachten, concentratiestoornissen, vergeetachtigheid en evenwichtsstoornissen, waardoor hij niet in staat zou zijn werkzaamheden te verrichten en schade zou lijden. Het voorschot op de schade bestaat o.a. uit een verlies aan verdienvermogen naast medische kosten en smartengeld. ASR betwist dat er sprake is van (i) spoedeisend belang, (ii) het bestaan van voortdurende aan het ongeval te relateren klachten en (iii) schade als gevolg van het ongeval die aan haar moet worden toegerekend tot een bedrag dat het betaalde voorschot overschrijdt.

De voorzieningenrechter overweegt dat de voorziening strekt tot betaling van een geldsom en dat voor toewijzing van een dergelijke vordering in kort geding slechts dan plaats is, als het bestaan en de omvang van de vordering in hoge mate aannemelijk zijn, terwijl voorts uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening vereist is en het risico van onmogelijkheid van terugbetaling bij afweging van de belangen van partijen aan toewijzing niet in de weg staat. De voorzieningenrechter oordeelt dat de ZZP’er spoedeisend belang heeft bij zijn vordering. Zijn stelling dat het water hem aan de lippen staat is door ASR niet weersproken en hij heeft aannemelijk gemaakt dat hij al enige tijd geen inkomsten meer heeft gegenereerd als ZZP-er. De voorzieningenrechter is echter van oordeel dat de vorderingen van de ZZP-er dienen te worden afgewezen, nu zowel het bestaan als de omvang van de vordering allesbehalve in hoge mate aannemelijk is. Daartoe zoekt de voorzieningenrechter aansluiting bij een rapport van ing. Wartenbergh naar de impact van het ongeval. Uit het onderzoek kan voorshands worden afgeleid dat de aanrijding niet hard ging en dat de ZZP-er niet heeft blootgestaan aan dermate hevige krachten dat die de langdurige en heftige gevolgen zoals door hem gesteld kunnen verklaren. Dit wordt bevestigd door het feit dat de airbags van de ZZP-er niet zijn geactiveerd en de geringe schade aan zijn auto. Gelet hierop komt tot de voorzieningenrechter tot de conclusie dat er nog geen causaal verband zichtbaar is tussen de door de ZZP-er gestelde klachten en het ongeval en dat de vorderingen reeds om die reden voor afwijzing gereed liggen.

Bron: Smartnewz 13 maart 2017

Vraag & antwoord

Veelgestelde vragen

Wie stelt moet bewijzen, dat is de hoofdregel van ons burgerlijk procesrecht. Maar wat nu als u een geschil heeft met een andere partij maar u uw stellingen niet (voldoende) kunt onderbouwen? U kunt dan een verzoek indienen tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor met als doel het vergaren van extra informatie en bewijs.


Lees meer

Veel werkgevers stellen internet en e-mail aan werknemers ter beschikking. Werknemers gebruiken dat namelijk bij het verrichten van hun werkzaamheden. Soms gebruiken werknemers echter dat internet en die e-mail (tijdens werktijd) voor tal van andere activiteiten, variërend van het lezen van privé e-mail tot het bekijken van pornofilmpjes.


Lees meer

Regelmatig worden wij met de vraag geconfronteerd of een uitlener de door hem aan een ander ter beschikking gestelde werknemers, zoals uitzendkrachten of een gedetacheerde werknemers, kan verbieden om bij de inlener in dienst te treden of dat op een andere manier kan belemmeren. Wij geven antwoord.


Lees meer

Regelmatig stellen werkgevers vragen over de, sinds 1 januari 2015 geldende, aanzegverplichting. De meest gestelde vragen en de antwoorden daarop volgen hieronder.


Lees meer

Als u een geldvordering heeft op een wanbetaler, kunt u beslag laten leggen op een bankrekening. Dat kan door een advocaat te vragen om dit te doen. Alleen advocaten (en dus niet deurwaarders) mogen aan de rechtbank toestemming vragen om conservatoir beslag te leggen.


Lees meer
Lees alle FAQ's
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties
Wij scoren gemiddeld een 8,5 op basis van 24 referenties