073 720 02 00

Verhuizen met mijn (minderjarige) kind: kan dat zomaar?

Door Bijgewerkt op

Een scheiding heeft vrijwel altijd een verhuizing tot gevolg. Het komt in ieder geval zelden voor dat ex-partners bij elkaar blijven wonen, ook al hebben zij bijvoorbeeld nog minderjarige kinderen samen. James TW heeft het op prachtige wijze verwoord in één van zijn nummers: “Sometimes moms and dads fall out of love. Sometimes two homes are better than one”.

Op het moment dat ouders besluiten uit elkaar te gaan, betekent dat automatisch ook dat kinderen voortaan op twee plekken een thuis zullen hebben. Maar wat nu als één van de ouders niet langer op zijn of haar plek zit, en graag met de kinderen ergens anders wil gaan wonen? Kan dat zomaar?

Toestemming verhuizing van andere ouder

Ouders die gezamenlijk ouderlijk gezag uitoefenen over hun (minderjarige) kinderen, dienen beslissingen over die kinderen in overleg met elkaar, en met elkaars goedkeuring, te nemen. Dat geldt ook voor een ouder die met de kinderen wenst te verhuizen. De verhuizing heeft immers (ook) impact op het leven van de kinderen. Een verhuizing kan bijvoorbeeld tot gevolg hebben dat de (reis-)afstand tot hun school groter wordt, of dat de bestaande verdeling van de zorgtaken tussen de ouders niet in stand kan blijven.

Wat nu als een ouder vindt dat hij zou moeten kunnen verhuizen met de kinderen, maar de andere ouder niet bereid is toestemming te verlenen?

Vervangende toestemming verhuizing

Op het moment dat de andere ouder niet bereid is toestemming te geven voor de (voorgenomen) verhuizing, kun je de rechter verzoeken om vervangende toestemming te verlenen. Mocht de rechter besluiten dat de verhuizing mag plaatsvinden, dan komt de beslissing van de rechter in de plaats van de toestemming van de andere ouder.

Als uitgangspunt geldt dat een ouder bij wie de minderjarige zijn hoofdverblijfplaats heeft, in beginsel de gelegenheid dient te krijgen om met de minderjarige en een nieuwe partner ergens anders een gezinsleven en een toekomst op te bouwen. Of het besluit om te verhuizen ook gerechtvaardigd is, hangt af van de omstandigheden van het geval. Ook wordt er door de rechter een belangenafweging gemaakt.

In de rechtspraak zijn de criteria die een rol spelen bij de beoordeling van een verzoek tot vervangende toestemming voor een verhuizing uitgewerkt. Die criteria zijn:

  • er dient een noodzaak te zijn om te verhuizen;
  • de mate waarin de verhuizing is doordacht en voorbereid, is van belang;
  • de door de verhuizende ouder geboden alternatieven en maatregelen om de gevolgen van de verhuizing voor de minderjarige en de andere ouder te verzachten en/of te compenseren;
  • de mate waarin de ouders in staat zijn tot onderlinge communicatie en overleg;
  • de rechten van de andere ouder en de minderjarige op onverminderd contact met elkaar in hun vertrouwde omgeving;
  • de verdeling van de zorgtaken en de continuïteit van de zorg;
  • de frequentie van het contact tussen de minderjarige en de andere ouder voor en na de verhuizing;
  • de leeftijd van de minderjarige, zijn mening en de mate waarin de minderjarige geworteld is in zijn omgeving of juist extra gewend is aan verhuizingen;
  • de (extra) kosten van de omgang na de verhuizing.

Het belang van het kind weegt bij een geschil over de gezamenlijke gezagsuitoefening, zoals een verschil van mening over een verhuizing, vanzelfsprekend zwaar. Het is echter niet zo dat het belang van het kind bij geschillen over gezamenlijke gezagsuitoefening altijd zwaarder weegt dan andere belangen. De rechter zal bij zijn beslissing over dergelijke geschillen alle omstandigheden van het geval in acht dienen te nemen. Dat kan er dus ook toe leiden dat andere belangen zwaarder wegen dan het belang van het kind.

Vragen?

Vraagt u zichzelf af of u vervangende toestemming kunt vragen voor uw voorgenomen verhuizing? Of bent u juist van mening dat de verhuizing van de andere ouder met de kinderen niet noodzakelijk is, en wilt u weten of u terecht geen medewerking verleent?

Snijders Familierecht heeft veel ervaring met procedures tot vervangende toestemming. Neemt u bij vragen dus contact met ons op; wij bekijken graag de mogelijkheden met u.

Vraag & antwoord

Veelgestelde vragen

Wie stelt moet bewijzen, dat is de hoofdregel van ons burgerlijk procesrecht. Maar wat nu als u een geschil heeft met een andere partij maar u uw stellingen niet (voldoende) kunt onderbouwen? U kunt dan een verzoek indienen tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor met als doel het vergaren van extra informatie en bewijs.


Lees meer

Veel werkgevers stellen internet en e-mail aan werknemers ter beschikking. Werknemers gebruiken dat namelijk bij het verrichten van hun werkzaamheden. Soms gebruiken werknemers echter dat internet en die e-mail (tijdens werktijd) voor tal van andere activiteiten, variërend van het lezen van privé e-mail tot het bekijken van pornofilmpjes.


Lees meer

Regelmatig worden wij met de vraag geconfronteerd of een uitlener de door hem aan een ander ter beschikking gestelde werknemers, zoals uitzendkrachten of een gedetacheerde werknemers, kan verbieden om bij de inlener in dienst te treden of dat op een andere manier kan belemmeren. Wij geven antwoord.


Lees meer

Regelmatig stellen werkgevers vragen over de, sinds 1 januari 2015 geldende, aanzegverplichting. De meest gestelde vragen en de antwoorden daarop volgen hieronder.


Lees meer

Als u een geldvordering heeft op een wanbetaler, kunt u beslag laten leggen op een bankrekening. Dat kan door een advocaat te vragen om dit te doen. Alleen advocaten (en dus niet deurwaarders) mogen aan de rechtbank toestemming vragen om conservatoir beslag te leggen.


Lees meer
Lees alle FAQ's
Wij scoren gemiddeld een 8,9 op basis van 49 referenties
Wij scoren gemiddeld een 8,9 op basis van 49 referenties